Banner
Home Artikelen Gelieve niet te roepen in de woestijn
Gelieve niet te roepen in de woestijn Afdrukken E-mail dit artikel
Bert RavenBert Raven (1928) is als wetenschapper jarenlang werkzaam geweest voor een grote multinational in Eindhoven.

Een artikel over het werk van Bert Raven (1928-2001)

Wie wel eens een tijdje wat lectoraatwerk voor een literaire uitgeverij heeft gedaan kent het verschijnsel: de onbekende die steeds tegen een debuut aanhikt, wiens werk geregeld uit de grote stapel ingezonden manuscripten wordt gehaald, maar van wie de lectoren toch telkens weer zeggen: "Het is iets, en toch is het niet helemaal dát". Doctor Gerrit Engelsma was zo'n auteur. Zijn romans hadden al zeker zeven jaar rondgezworven over de bureaus van diverse uitgevers.

Wim Hazeu, destijds directeur van De Prom, erkende zijn verteltalent, maar vond tegelijk dat er nog teveel aan zijn boeken gesleuteld moest worden en gaf ze dus niet uit. Een redacteur bij De Bezige Bij aarzelde, een collega bij Luitingh Sijthoff eveneens, maar het bleef bij aarzelen. In 1993 kreeg ik twee van zijn romans onder ogen: 'De man die niet in de VUT wou' en 'Dioxine '. Ik las ze beide met veel plezier. Zeker, hier moest aan gesleuteld worden, maar in principe waren dit aangenaam geschreven, redelijk spannende en bovenal vrij geestige boeken. Dat vond ook Wim Verheije, directeur van uitgeverij Manteau. We nodigden de auteur uit voor een gesprek in Antwerpen. Degene die zich aanmeldde op het pand in de Isabellalei bleek een goed geconserveerde zestiger met zilvergrijs haar. Zijn pak zat wat slordig en zijn Friese accent was doorgeschoten met dat van zuidelijker streken, maar hij was onmiskenbaar een heer en zijn verhalen waren onversneden interessant. Engelsma was een gepensioneerd biochemicus, die heel zijn werkzame bestaan in dienst van Philips was geweest. Daarvóór had hij aan buitenlandse universiteiten gestudeerd, onder meer in Zweden en in Californië. Zo had hij de smaak van het reizen te pakken gekregen. Als eeuwige vrijgezel en als goedbetaald onderzoeker kon hij het zich bovendien permitteren een deel van het jaar onderweg te zijn in de landen van Noord-Afrika, in Zuid-Amerika en in Azië. Vooral de Arabische wereld kende hij bijzonder goed. Hij had in de jaren zestig vrienden gemaakt onder de toenmalige gastarbeiders en verbleef nu tenminste een aantal maanden per jaar in Marokko, in Tunesië of in Egypte. Engelsma was goed vertrouwd met de Arabische mentaliteit, maar was en bleef zelf natuurlijk een West-Europeaan. Daardoor had hij een opvallend zuiver inzicht in de verkeerde voorstellingen die Arabieren zich van onze samenleving maken en van de - soms komische, soms tragische - misvattingen waartoe dit noodzakelijkerwijs moest leiden. Deze miscommunicatie tussen West-Europeaan en Noord-Afrikaan staat in bijna al zijn (ongepubliceerde) romans en verhalen centraal, maar slechts zijdelings in zijn debuutroman, en helemaal niet in zijn tweede boek, 'Zwarte Spin', dat in Chili is gesitueerd.

'De man die niet in de VUT wou ' vonden wij teveel een jaren zeventig titel, wat niet wegneemt dat ze prima uitdrukt waarover het boek gaat. Een medewerker van een multinational staat op het punt vroegtijdig te worden gepensioneerd. Hij wil helemaal niet stoppen met werken en voelt zich bovendien miskend door de concernleiding, die zijn werk nooit naar waarde heeft weten te schatten. De man zint op wraak en besluit de algemeen directeur te ontvoeren om zo 'genoegdoening' te kunnen eisen. Wat de enigszins sullige hoofdpersoon echter niet weet, is dat het concern op de rand van het bankroet wankelt en dat echte criminelen zo hun eigen plannen hebben met de leiding, plannen hij die met zijn ontvoering doorkruist. 'Underdog', zoals de roman uiteindelijk ging heten, is een boeiende misdaadroman geworden door dit aparte perspectief. Wat me zelf het meest aan het boek beviel is het meeleven met de toenemende spanning waarin de hoofdpersoon verkeert, culminerend in een letterlijk hallucinante paranoiascène in de trein naar Spanje. Engelsma's debuut werd tamelijk positief ontvangen. Wat we achteraf gezien hadden moeten doen was meteen het jaar daarop 'Dioxine' brengen - een pracht van een roman over gesjoemel met doctoraatsonderzoek bij een internationaal chemisch bedrijf, deels in Eindhoven, deel in Tunis spelend. Maar omdat 'Dioxine' in een aantal opzichten wat teveel aan 'Underdog' deed denken aarzelden we. De roman die Engelsma in de tussentijd had geschreven - 'Sfinx '- was te onevenwichtig van structuur, dat wil zeggen: niet spannend genoeg voor een misdaadroman, maar wel boeiend van thema: de avonturen van een moslimfundamentalist in Nederland en Egypte. Misleide vrouwen, terroristen, halfslachtige homoseksuelen en racistische ondernemers - alles kwam erin voor. Uiteindelijk publiceerde Engelsma pas vier jaar later een tweede roman, 'Zwarte Spin', in het Europees thrillerfonds van het met Manteau samenwerkende Signature in Nederland. Hierin gaat een vrouwelijke chemicus op leeftijd op zoek naar de man die niet alleen haar wetenschappelijk werk heeft gestolen, maar haar ook heeft verraden tijdens de Tweede Wereldoorlog en zo haar leven heeft bepaald en verpest. De Nederlandse bezettingstijd en de het post-Pinochettijdperk in Chili worden op een interessante manier met elkaar verbonden in deze zeer filmisch en snel vertelde roman. Jammer genoeg werd het boek nauwelijks opgemerkt in de pers. Dat betekende min of meer het einde van de literaire carrière van Engelsma - want zo gaat dat tegenwoordig: één commerciële mislukking en je bent afgeschreven, talent en inhoud of niet.

Gerrit Engelsma publiceerde onder het pseudoniem Bert Raven. De voormalige boerenzoon van het Friese platteland koos voor een schuilnaam uit angst bepaalde streng gelovige familieleden met zijn romans te choqueren. Misschien hadden - of hebben - die inderdaad aanstoot genomen aan het decente, maar toch duidelijk aanwezige homo-erotische karakter van nagenoeg al zijn werk. Zelf vond ik het pseudoniem wat weinigzeggend.

Ook toen hij al niet meer door Manteau werd uitgegeven hielden wij contact. Ik was gecharmeerd door de sympathieke en zachtaardige persoonlijkheid van Engelsma en vooral geboeid door zijn onuitputtelijke verhalen, waarin het humoristische element nooit ontbrak. Ik kwam geregeld bij hem op bezoek in Eindhoven en even geregeld bezocht hij mij in Antwerpen. Hoewel ik erkende dat zijn stijl en verteltrant te gedateerd waren voor deze snelle tijd en zijn kansen op commercieel succes dus gering, las ik al zijn ongepubliceerde werk. Met name zijn autobiografisch getinte trilogie - 'Platte Daken', 'Broze Halzen', 'Blikken Klokken' - frappeerde mij door de prachtige reisbeschrijvingen van Libanon en de Verenigde Staten en door een aantal sublieme gevoelige scènes. De auteur deed mij geregeld denken aan Paul Bowles, de Amerikaanse auteur die het grootste deel van zijn leven in Tanger woonde en die in zijn romans dezelfde thematiek behandelde. Wie ooit Bernardo Bertolucci's verfilming van 'The Sheltering Sky' heeft gezien weet wat ik bedoel. Op mijn aanraden herschreef hij bepaalde delen. Het baatte echter niet om een nieuwe uitgever te vinden, hoewel hij het laatste jaar van zijn leven dicht bij een publicatie in het Fries zat. Wellicht had dit andere taalgebied een nieuwe impuls aan zijn slabakkende literaire carrière kunnen geven. Die carrière was helaas echter niet het enige dat in het slop zat...

Engelsma worstelde met astma en andere aandoeningen van de luchtwegen. Ik raadde hem geregeld aan zijn huizen in Friesland en Eindhoven te verkopen en zich definitief in Essaouira te vestigen, de Marokkaanse kustplaats waar hij veel vrienden had en duidelijk graag was.

Misschien zou hij nu nog hebben geleefd als hij die raad had opgevolgd. Op een dag werd hij onverwacht zwaar ziek in het hospitaal opgenomen. Een week later was hij even onverwacht dood.

Wat blijft is wetenschappelijk werk, twee gepubliceerde romans en bijna een dozijn ongepubliceerde werken, waaronder tenminste twee in het Fries geschreven romans en één verhalenbundel.

Jeroen Kuypers & Piet de Moor

 
© 2006-2012   Max Moragie. All rights reserved.